Voorstel wijziging liquidatieverliesregeling

De deelnemingsvrijstelling in de vennootschapsbelasting is bedoeld om te voorkomen dat de winst van een dochtervennootschap nog een keer wordt belast bij de moedervennootschap. Gevolg van de werking van de deelnemingsvrijstelling is dat het verlies op een deelneming in een dochtervennootschap niet in aftrek komt op de winst van de moedermaatschappij. Er is sprake van een deelneming bij een belang in de dochtermaatschappij van 5% of meer. De liquidatieverliesregeling maakt inbreuk op de deelnemingsvrijstelling. Deze regeling is bedoeld als tegemoetkoming voor het verloren gaan van onverrekende verliezen door ontbinding van de dochtervennootschap. Het aftrekbare liquidatieverlies is het verschil tussen het door de moedermaatschappij in de deelneming geïnvesteerde vermogen en de ontvangen liquidatie-uitkering van de dochtermaatschappij.

Er is een conceptvoorstel tot wijziging van de liquidatieregeling ter consultatie gepubliceerd. De strekking van het voorstel is een beperking van de bestaande regeling. Dat gebeurt door de regeling alleen toe te passen op deelnemingen waarin de moedervennootschap een kwalificerend belang houdt en tot deelnemingen die in de EU of in de EER zijn gevestigd. Er is sprake van een kwalificerend belang bij een bezit van meer dan 25% van het nominaal gestorte aandelenkapitaal of een controlerend belang waarmee de activiteiten van de deelneming kunnen worden bepaald. De voorgestelde beperking van de liquidatieverliesregeling is van toepassing voor zover het liquidatieverlies meer bedraagt dan € 1 miljoen.

Verder wordt de mogelijkheid tot langdurig uitstel van het aftrekmoment van een liquidatieverlies beperkt. Voorwaarde is dat de vereffening van het vermogen van de ontbonden deelneming uiterlijk in het derde kalenderjaar na het jaar van staken van de onderneming is voltooid. Tegen deze beperking is tegenbewijs mogelijk.

Aanvullend worden vergelijkbare wijzigingen voorgesteld met betrekking tot de stakingsverliesregeling in de vennootschapsbelasting.

Het is de bedoeling dat deze wetswijziging met ingang van 1 januari 2021 in werking treedt.

Voor latente liquidatieverliezen op een deelneming, die voor 1 januari 2021 zijn ontstaan, komt een overgangsregeling. Een dergelijk latent liquidatieverlies kan in beginsel nog gedurende drie jaren in aanmerking worden genomen.